Het is de laatste dag van de maand, jippie-ja-jee.
Over ongeveer vijf uur van nu, (vier tegen de tijd dat ik klaar ben met typen,) begint de negende maand van dit jaar, een maand die ondanks alle logische bezwaren die zou kunnen hebben bij de negende maand van het jaar, de zevende maand heet. Ik weet wel waarom, maar ik vind dat ze de naam hadden mogen wijzigen. Ook is Julius Caesar niet met een keizersnee geboren. De keizersnee heeft zelfs niets met hem te maken, het woord caesones in de term sectio caesones komt niet van Caesar maar van cadere, wat snijden betekent. (Cadere, cado, caesi)
Ook draag ik een hoofdband, wat daar niets mee te maken heeft.
Morgen weer school, na een royaal lange ochtend en lieve help, wat vliegt de tijd, alweer gym. Can't be helped, I guess. Het fenomeen tijd kronkelt een beetje naar voren, als een suïcidale miljoenpoot (je weet wel, zo'n rups met driehonderd poten) op een grasmaaier af, maar niet zonder onderweg nog langs een cocktailbar te gaan en een strandvakantie van een weekje te nemen. Dit slaat niet echt helemaal op mij, want ik ga niet naar een cocktailbar en ook niet op strandvakantie. (naar mijn weten) Wat ik hiermee bedoelde, zelf nog toen de hele vergelijking bij me weg rolde, is dat de toekomst duidelijk te onderscheiden nare en leuke gebeurtenissen bevat. Het is alsof ik stracciatella-ijs eet, maar dan zijn de stukjes chocola vervangen door diamanten en geitenkeutels. O ja, ik móét dit ijsje opeten, ik kan niet gewoon de diamanten eruit halen en de rest weggooien met een blik van walging. Die diamanten blijven toch wel heel in mijn ingewanden, dus die gaan niet verloren. Mijn waardigheid en eetlust voor weken verdwijnen wel, door de andere ingrediënten. Waar ik heen wil, is dat ik aan het einde van dit jaar sta te walgen en diamanten bezit. Wacht. *scribble* Geregeld.
Pfoe, warm vandaag. Gelukkig heb ik mijn waaier. Ik heb heel wat tijd die ik achter de computer doorbracht zitten oefenen met het openmaken van de waaier met één hand zonder te stuntelen en dat is voor mij heel wat. Nu voel ik me tenminste wat gracieuzer. Dat woord heb ik een tijd niet gezien, waar kwam jij vandaan? Waarschijnlijk uit dezelfde richting als dat regeltje Duitse voorzetsels in een liedje van Doe Maar. (Note to self: Haal Duitse troela over Doe Maar cd af te spelen in les. Ps: Ik kom uit de toekomst, Elvis leeft nog. Pps: Paul moet terug! Ppps: Ik kom uit de toekomst, de schrijver van de 'Ps:' komt niet uit de toekomst en houd je maar voor de gek. In de toekomst is aangetoont dat Elvis nooit bestaan heeft. Pppps: Ik kom vergeleken met alle vorige dingen uit de toekomst. Dit is verspilling van papier. Wacht... dit is een blog. Verspilling van da interwebz!)
Sorry, ik moet even een blaadje met krabbels verscheuren en op de grond gooien, alvorens een preek over m'n eigen rotzooi opruimen te ontvangen.
Ogenblik geduld.
Nee, geen preek, zelfs geen boze blik. Ik ruim het zelf dan wel op.
Ogenblik geduld.
Karo
31.8.08
22.8.08
Esnesnon 22-8-08
Goedenavond.
Ja, ik heb ongeveer een maand niets geschreven. Puh. Ik trek me lekker helemaal niets van jullie aan. Is het wederzijds? Ik weet het niet. Waarom ik al die tijd niet blog? Nou, ik denk dat het te wijten valt aan een hersendodende omgeving. Ik had een vakantiekater van jewelste, omdat ik vanuit tropisch en spectaculair Costa Rica, waar het weer exotisch was, het eten bijzonder en de zee vaak op steenworp, met dagelijkse rare uitstapjes en (daar ga ik weer, mijn kater speelt op.)
Daarna kom je zomaar terecht bij familie, thuis, in Nederland. Geen intelligent contact met de buitenwereld, feitelijk en niet echt iets te doen. Nou vul ik dit blog met interessante dingen die ik meemaak (of ik probeer dat tenminste, net zo goed als ik probeer iets interessants mee te maken) en met dingen die ik niet zo goed in het dagelijks leven kan bespreken. Ik praat wel met mensen, maar denk twee keer zo snel over het gesprek waardoor de meeste dingen ongezegd blijven. Contact met gewone mensen is dus voor mij hersenvoedsel en laat uiteindelijk een enorme grijsbruine pap van gespreksafval achter, die ik verwerk tot lettervermicelli en uitspuw over de digitale bladzijdes. Blurgh.
Om even balans te geven voor de vorige alinea: Blurb blurble blurb.
Om even balans te geven voor de vorige uitspraak: Ik ga vanaf 13 september aan iets meedoen, iets waaraan ik blijf meedoen tot 13 december. Dan zijn jullie allemaal welkom voor de voorstelling. Ik ga samenwerken met/rondgecommandeerd worden door/geïnspireerd worden door/geleid worden door een gerenommeerd theatertype en in het ergste geval ga ik leren dansen. Het meest hou ik van acteren nog wel. 'Jij bent nogal drama,' zei een voorheen volslagen onbekende.
Oh ja, voorheen volslagen onbekenden. Drie deze week alleen al. Eigenlijk vier. Nee, toch vijf. Zonder grappen. Mensen die ik dus vanaf onbekend tot 'jij bent iemand met wie ik tijd doodt door idioot te doen'-personen omdoop in een uur of minder. Dat levert gespreksbrei op... erg interessant vanuit mijn oogpunt. Vreemd genoeg voel ik alleen geen aandrang om iets over dat oogpunt te delen, afgezien van het feit dat mijn oogpunt dichtbij mijn neus is.
School zet, hoe het ook zij, mijn hersenen toch wel aan het werk. Ze falen alleen jammerlijk in de opzet mijn hersenen voor het beoogde doel aan het werk te zetten. In plaats daarvan bedenk ik bijvoorbeeld --
Sorry, dat moet ik maar beter niet opschrijven. Per slot van rekening is dit iets dat andere mensen, ook mensen met kwetsbare magen enzo, kunnen lezen.
Vulkanen.
Karo
Ja, ik heb ongeveer een maand niets geschreven. Puh. Ik trek me lekker helemaal niets van jullie aan. Is het wederzijds? Ik weet het niet. Waarom ik al die tijd niet blog? Nou, ik denk dat het te wijten valt aan een hersendodende omgeving. Ik had een vakantiekater van jewelste, omdat ik vanuit tropisch en spectaculair Costa Rica, waar het weer exotisch was, het eten bijzonder en de zee vaak op steenworp, met dagelijkse rare uitstapjes en (daar ga ik weer, mijn kater speelt op.)
Daarna kom je zomaar terecht bij familie, thuis, in Nederland. Geen intelligent contact met de buitenwereld, feitelijk en niet echt iets te doen. Nou vul ik dit blog met interessante dingen die ik meemaak (of ik probeer dat tenminste, net zo goed als ik probeer iets interessants mee te maken) en met dingen die ik niet zo goed in het dagelijks leven kan bespreken. Ik praat wel met mensen, maar denk twee keer zo snel over het gesprek waardoor de meeste dingen ongezegd blijven. Contact met gewone mensen is dus voor mij hersenvoedsel en laat uiteindelijk een enorme grijsbruine pap van gespreksafval achter, die ik verwerk tot lettervermicelli en uitspuw over de digitale bladzijdes. Blurgh.
Om even balans te geven voor de vorige alinea: Blurb blurble blurb.
Om even balans te geven voor de vorige uitspraak: Ik ga vanaf 13 september aan iets meedoen, iets waaraan ik blijf meedoen tot 13 december. Dan zijn jullie allemaal welkom voor de voorstelling. Ik ga samenwerken met/rondgecommandeerd worden door/geïnspireerd worden door/geleid worden door een gerenommeerd theatertype en in het ergste geval ga ik leren dansen. Het meest hou ik van acteren nog wel. 'Jij bent nogal drama,' zei een voorheen volslagen onbekende.
Oh ja, voorheen volslagen onbekenden. Drie deze week alleen al. Eigenlijk vier. Nee, toch vijf. Zonder grappen. Mensen die ik dus vanaf onbekend tot 'jij bent iemand met wie ik tijd doodt door idioot te doen'-personen omdoop in een uur of minder. Dat levert gespreksbrei op... erg interessant vanuit mijn oogpunt. Vreemd genoeg voel ik alleen geen aandrang om iets over dat oogpunt te delen, afgezien van het feit dat mijn oogpunt dichtbij mijn neus is.
School zet, hoe het ook zij, mijn hersenen toch wel aan het werk. Ze falen alleen jammerlijk in de opzet mijn hersenen voor het beoogde doel aan het werk te zetten. In plaats daarvan bedenk ik bijvoorbeeld --
Sorry, dat moet ik maar beter niet opschrijven. Per slot van rekening is dit iets dat andere mensen, ook mensen met kwetsbare magen enzo, kunnen lezen.
Vulkanen.
Karo
Abonneren op:
Posts (Atom)