24.3.10

Esnesnon 24-3-10

Goeden... dinges

Ik heb een vreemde angst voor het posten van brieven. Het is geen angst voor brievenbussen, voor ouderwetse communicatiemethodes of überhaupt angst om buiten te komen. Het afstandje lopen naar de brievenbus, de handeling op zich, beangstigt me. Het is één van de weinige momenten dat ik echt vrees iets te overkomen, misschien zelfs iets dodelijks. Mijn op-en-neertje met twee brieven (een onduidelijke envelop en een kaart 'gefeliciteerd met het halen van uw rijbewijs' voor mijn 82-jarige opa) heeft dus een donkere wolk over mijn hele dag gehaald. Eerlijk gezegd durf ik niet zo goed dat kleine klusje te weigeren omdat mijn brief-post-fobie een karaktertrekje is dat ik bij voorkeur geheim hou hier thuis.

Anyway. Het prisoners dilemma; de situatie waarin je profiteert als iedereen zich goed gedraagt behalve jezelf, met als resultaat dat iedereen zich niet gedraagt om te kunnen profiteren en vervolgens niemand profiteert. Deze kenmerkende voorstelling legt de onderliggende zwakte in de hele ethiek bloot, de vraag waarom men zich goed zou gedragen als slecht gedrag meer oplevert. Die vraag ga ik nu nog niet beantwoorden, vooral omdat het antwoord dermate krankzinnig is dat het niet meer goed in deze post past. Wat ik wel even naar voren wil brengen is het omgekeerde prisoners dilemma. Dat houdt een situatie in waarin goed gedrag als zodanig functioneert onder de voorwaarde dat de rest van de wereld zich niet goed gedraagt. Goed gedrag wordt in deze situatie gehanteerd met een stille hoop dat de rest het niet doet omdat het anders een lege handeling wordt. Gooi een altruïst in een omgeving met egoïsten en iedereen is in zijn nopjes. Gooi een altruïst in een kuil met andere altruïsten (waar ze thuishoren) en ze zijn zinloos omdat de verbetering van de persoonlijke situatie van de anderen niet op waarde wordt geschat.

Zowel de consequentie van de egoïstische toekomstvisie van de prisoners dilemma als de heilige-boontjes hoop van de reversed dilemma monden uit in een wereld waar men uiteindelijk geen profijt heeft van zijn eigen gedrag. Daarom moeten we gezamelijk streven om de werelden van goed en slecht gedrag met elkaar in evenwicht te houden. Als we een beetje de balans erin houden kunnen sommigen van ons de zwijgende moraalridders blijven en de rest ellendige profiteurs; een situatie waar iedereen vervolgens blij mee kan zijn.

Van de week volgt mogelijk mijn vreemde gedachtenkronkel over de zin van ethisch gedrag. Misschien ook niet.

Hugo Maat

21.3.10

Esnesnon 21-3-10

Wandelen door de lente: een traktaat over de bedrieglijkheid van ondertitels in de Lage Landen in de 21ste eeuw.

Motivatie is iets geks. Als je me vertelt dat ik goed bezig ben hou ik op met goed bezig zijn. Als je me vertelt dat ik slecht bezig ben raak ik verontwaardigd en hou ik mogelijk ook op met goed bezig zijn. Als ik met rust gelaten word ga ik me na een tijdje afvragen, bij gebrek aan feedback, of ik wel goed bezig ben, wat ertoe kan leiden dat ik niet goed bezig meer ben. Al met al is het reden om mezelf flink af te vragen waar ik nou eigenlijk mijn motivatie vandaan haal om zover te komen.

Hoe kom ik op het belachelijke idee dat ik ver gekomen ben? Omdat de herders van de studentenkudde me droogjes hebben laten weten dat ik 'one of the best first-year students' van mijn faculteit ben. Met als gevolg dat het voortbestaan van die hele titel in het gedrang is geraakt omdat het nu echt een maand gaat duren voordat ik ook maar iets ga doen dat mijn studie ten goede komt. Laat ik nou net volgende week tentamens hebben.

Ik ben chronisch ontevreden. Het liefst zou ik horen dat ik nog niet heel veel voorstel en dat ik gewoon mijn best zou moeten gaan doen, maar ook echt tot het randje mijn best. Dat houdt niet in dat ze me halverwege mijn studiejaar feliciteren met mijn geweldige intellectuele capaciteiten. Al zou het kloppen, ik wil het niet weten. Ik ben al pessimistisch zat.

Zelfs een goeie frisse neus in het mooiste weer van 2010 tot dusver kon me niet herstellen. Mijn dag is geheel verpest, en wel door een complimenteuze constatering in mijn mailbox.

Hugo Maat

17.3.10

Esnesnon 17-3-10

Hallo.

Het is niet veel bijzonders vandaag. Alleen een algemene oproep om de wereld te verbranden en de meeste bestaande systemen van de menselijke maatschappij ten val te brengen. Niets meer dan een aansporing aan alle blinde schapen, geketend door de maatschappij om de ketens af te werpen en terug te keren naar de hooglanden om te leven zoals de berggeiten. Bij wijze van spreken. Ik vraag de slapers vriendelijk om wakker te worden en om zich heen te kijken, maar boven alles vraag ik de mensheid om collectief tv's uit ramen te gooien en een boek te lezen. Of door een bos te lopen. Of te gaan schilderen, muziek te maken, gezelschapsspelletjes te spelen.

Wanneer leven we in de toekomst? Wanneer zijn we eindelijk weer modern? Is dat op het moment dat we als mensheid vliegende auto's uitvinden? Of misschien is het wel veel simpeler. Misschien zijn we als mensheid wel in de positieve richting ontwikkeld op het moment dat we een iets groter scherm op onze computers hebben of als er net iets menselijke en dierlijke ellende nodig is voor de tassen die we bij ons dragen. De toekomst zal haast wel komen als onze auto's nog iets minder brandstof per kilometer verbruiken, als ons internet nóg sneller is, als we films kunnen kijken op onze telefoons (oh wacht, dat kunnen we al) en als we rekenmachines kunnen bedienen met onze amandelen (plagiaat).

Dit betoog is zo doorzichtig als het lauwwarme water van de Caribische Zee. De mensheid vordert niet door een toename in de hoeveelheid nutteloze rommel die we bezitten. Ik meen dat we erop vooruit zijn gegaan op het moment dat we gelukkiger zijn. De consumentenmaatschappij biedt geen vooruitgang in die richting. Vandaar: let's burn the world. Korter dan dat kan ik het niet zeggen.

Hugo Maat

12.3.10

Esnesnon 12-3-10

Goedenavond. (of wat ook maar toepasselijk is, gezien het tijdstip waarop je deze site raadpleegt)

De redundantie van de dingen die ik vertel kan hoog of laag zijn, dat is geheel afhankelijk van degene aan wie ik het vertel. Het is moeilijk om elke keer iemand iets te vertellen dat ik nog niet verteld heb. Laat dat nou net hetgene zijn dat ik het meest aan dezelfde mensen opnieuw vertel, ik hou al op.

Na een beetje zielzoekerij (filosofische colleges, zitten in het OV, tarotkaarten raadplegen, 'typische Hugo-dingen doen') heb ik zin om een nieuw label op mijn levensbeschouwing te plakken. Voorgaande labels waren nihilist, slakkenaanbidder, sadist en meer van dat soort dingen. En appeltaart. Op het moment ga ik voor christelijk atheïst. (Of atheïstisch christen.) De eerste reden, wat mij betreft een overduidelijke, is het slopen van het hokjesstelsel door mezelf een schijnbare contradictie aan te meten. De tweede reden is dat ik er best nog wat zinnigs in vind zitten. Nou ja, ik dan. Het eerste deel is simpel te verklaren: ik geloof niet in God/god/goden/hogere machten aller landen.
De rest van het label is iets moeilijker vast te zetten. Probeer maar eens 'christen' te definiëren. Er zijn natuurlijk zat pogingen gedaan, onder andere die ene poging in Nicaea: ik geloof in de ene en almachtige God, qui fecit terram et caelam, blahdiblah. Daar trap ik dus mooi niet in. Toen ze dat op schrift stelden was Jezus al lang dood. Om drie eeuwen na dato te verklaren wat zijn visie eigenlijk inhield is net zoiets als vandaag de dag ineens bekend maken wat het liberalisme inhoudt, of het officieel opstellen van de doelstellingen van de Franse Revolutie. Slappe hap.
"Nou dan, Hugo, als jij met je profetische en oneindige wijsheid zover boven een slordige miljard christenen wereldwijd staat," hoor ik iemand al zeggen in mijn achterhoofd, "hoe wil jij dan verklaren wie christen is en wie niet?" Al goed, ik heb nooit willen verkondigen dat ik kan bepalen wie christen is en wie niet. (De enige echte autoriteit op dat gebied is dood.) De kwestie is mijns inziens redelijk gevoelig voor persoonlijk oordeel. Het beste wat de mensheid tot haar beschikking heeft vandaag de dag is een stapeltje geschriften met vermoedelijke quotes van de Verlosser. Op basis van die teksten hou ik vol dat je een christen bent als je je naaste liefhebt, als je al je schuldenaren vergeeft en zelf om vergeving vraagt (ergens), als je wederkerige gerechtigheid afwijst, als je sober en bescheiden leeft en nog een paar dingen. Ben ik dat? Nee, natuurlijk niet. Maar ik vind het zo mooi dat ik het label 'christen' gewoon steel voor eigen gebruik.
Maar er is geen God.

Hugo Maat

9.3.10

Esnesnon 9-3-10

Goeiemorgen!

Ik heb een aantal redenen om helemaal uitzinnig vrolijk te zijn. Ten eerste: ik had net een college over thee. Over thee! Dit is het eerste college waar ik tot drie keer toe in mijn aantekeningen "OMG" heb staan. (Ja, ik weet dat het echt heel suf is dat ik dat zeg en dat ik het ook nog daadwerkelijk doe.) De dame die het gaf was afgestudeerd op thee! Ik ben helemaal flabberghasted. Ik zei nog tegen haar dat ik flabberghasted ben. De komende week verdubbelt waarschijnlijk mijn theeconsumptie. Sterker nog, ik heb zin om met veel mensen thee te gaan drinken. Eerst even bloggen voordat ik een algemene uitnodiging uitstuur.

Ten tweede speel ik vanmiddag heel erg veel piano, tot het grotere geluk van een paar vriendelijke mensen. Ik ben gevraagd om te komen helpen bij een muziekexamen aanstaande donderdag (een week geleden) en ik ben teveel een goede gozer (pardon?) om zoiets af te slaan. (Misschien ben ik ook wel arrogant en wil ik geen kans missen om me belangrijk en bijzonder te voelen.) Ik heb er zin in, om allerlei redenen.

Ten derde had ik gister toneel. Ten vierde heb ik een vreemde mentale afwijking, een of ander syndroom, dat ervoor zorgt dat ik af en toe gigantisch euforisch word. Ahem.

Wheee!

Hugo Maat

EDIT: Fijne wereld-mannendag, iedereen!

8.3.10

Esnesnon 8-3-10

Vandaag is het blijkbaar 'internationale vrouwendag.'

Ik pleit bij deze, met onmiddelijke ingang, voor de afschaffing van de wereld vrouwendag, óf de schepping van een 'wereld mannendag.' Dit meen ik uit het oogpunt van de emancipatie van de vrouw of eventueel de man (hoewel hij dat niet nodig schijnt te hebben.) Wiens rare idee was het dat vrouwen een speciale dag in het jaar krijgen en mannen niet? Zolang er geen internationale mannendag is geldt er een ongelijkheid tussen de seksen.

"Maar," zeggen sommige mensen dan, ik hoor ze nu al in mijn hoofd tegen me klagen, op verontwaardigde of neerbuigende toon, "alle andere dagen in het jaar zijn al mannendagen." Dank u dat u mijn punt wilde bewijzen. Er is hier een grote ongelijkheid tussen de seksen, hoe je het ook wendt of keert. Als man en vrouw gelijk zijn, waarom krijgt de één dan een speciaal dagje in het hele jaar en de ander ofwel alle dagen of geen? Dan zijn ze op dat gebied toch ongelijk? Als we een wereld mannendag instellen zijn (afhankelijk van de manier waarop het gebracht wordt) zowel de mannelijk chauvinisten als de feministen (de normale, niet de verontwaardigde 'paarse tuinbroek, laars in je strot' types) en de arrogante ethici (zoals ik) tevreden te stellen. Tot ik een betere datum heb geprikt verklaar ik daarom alvast morgen tot wereld mannendag.

Nu voel ik me pas in mijn recht om 'gefeliciteerd' te zeggen tegen alle vrouwen. Ik maak het weer hopeloos gecompliceerd, neh?

Hugo Maat

1.3.10

Esnesnon 1-3-10

Hoi.

Ik voel me vreemd. Dat heeft vier redenen, maar als ik de cafeïne in mijn systeem niet meetel omdat ik dat eigenlijk geen echte toevoeging vind zijn er drie. Ze doen me momenteel intern wankelen over van alles en nog wat. Intern wankelen midden in een collegeperiode en twee dagen voor gemeenteraadsverkiezingen vind ik een beetje ongemakkelijk, als je begrijpt wat ik bedoel. Over het algemeen weet ik mezelf goed te handhaven, met een degelijk dagelijks beleid ondanks alle interne strubbelingen. Hoe dan ook, de drie redenen waarom ik me vreemd voel.

Ten eerste heb ik naar een ongemakkelijk oog zitten kijken. Mijn dramadocent maakte me ooit wijs dat kijken naar het rechteroog betekent dat je met iemand rationaliseert, en kijken naar het linkeroog zou staan voor gevoelsmatige interactie. Ik heb, naar ik meen, overwegend de neiging om het linkeroog te kiezen (van mij uit gezien het rechter) hoewel ik daar nog even op ga letten de komende paar dagen. Op zich is dat natuurlijk niet zo belangrijk of bijzonder, maar ik had vandaag een college waar ik ineens emotionele betrekking bij kreeg (en naar ik meen had de docente ook haar eigen overtuigingen en gevoelens bij deze kwestie) terwijl het linkeroog van de spreker een glazen oog was.
Dit is niet eens humoristisch bedoeld. Ik vond het heel naar dat ik naar het rechteroog moest kijken om fatsoenlijk contact met de docente te hebben (want ik draai op persoonlijke kennisoverdracht als student) want dat voelde tegennatuurlijk. Waar ik me ook aan... nou ja, niet bepaald stoorde, maar wat me toch wel verontrustte, was dat het linkeroog, het emotionele oog, helemaal droog was, terwijl het rechteroog meer gevoel voor het onderwerp leek uit te dragen. Ik zit dus nu nog steeds met een beklemmend gevoel dat er iets niet helemaal in de haak is.

Als tweede ben ik positief verrast over een persoon in mijn omgeving sinds eergisteren ongeveer. Ik had mezelf in een veroordelende deadlock beredeneerd. Ik heb hierbij iemand beoordeeld op basis van wat ik wist en dacht over diegene, maar het bleek dat ik er eigenlijk gewoon naast zat. Ik heb onjuist over iemand gedacht, iemand negatief bejegend in gedachten terwijl diegene dat niet verdiende. Ik voel me kortzichtig, ik voel me dom, en ik besef dat ik dagen achtereen met die overtuiging heb rondgelopen en eigenlijk hele foute dingen zou kunnen hebben gedaan als ik niet had ondekt dat ik veel te snel (en dus verkeerd) besloten had. Ik schaam me eigenlijk kapot. Het is nu ook niet meer de kwestie van het vergeven van de ander, maar het vergeven van mezelf. Ik kan mijn excuses ook niet aanbieden, want het is iets in mijn eigen hoofd, niet iets dat ik gedaan heb. Het is zo frustrerend! Ik heb nu het gevoel dat ik minstens een week lang met een steen in mijn maag rond zal lopen en daarnaast de ijdele hoop dat ik ook nog de kortzichtigheid in mijn schuldgevoelens doorzie zodat ik mezelf kan vergeven.

Ten derde. Ik moet nu stoppen met schrijven, want mijn ogen beginnen te tranen. Mijn excuses.

Hugo Maat