Ik moet even bijkomen van een paar dagen stevig aanpoten, dus wil ik een luchtig onderwerp bespreken: christelijke zonde. Iedereen die Seven of een vergelijkbaar stukje moderne verwerking van de oude thema's heeft gezien, of gewoon thuis is in ouderwets christendom, weet dat je zeven belangrijkste zonden hebt. Onvermijdelijk, het getal zeven is verdraaid populair. Wel, iedereen die er wat over wil weten kan natuurlijk even op wikipedia kijken, in hun geheugen graaien of nog een keer Seven kijken, daar hoef ik niet aan bij te dragen. In plaats daarvan wil ik even een opsomming maken van mijn eigen score in de lijst van de grote zeven slechte dingen, in willekeurige volgorde.
Ten eerste: vraatzucht. Ik weet het niet zeker en vertik het op te zoeken, maar ik geloof dat de Latijnse term Gula is. Ik vind dat ik op dit gebied geen overtreder ben. Niet dat ik weinig eet, in tegendeel, ik ben een stevige eter. Wat ik bedoel is dat ik niet veel meer eet dan nodig. Ik ben niet bepaald een snoeper en als ik heel oppervlakkig ben vind ik dat een mager scharminkel als ikzelf moeilijk als vraatzuchtig bestempeld kan worden. Ik geloof dat een goede zuipschuit hier ook onder mag vallen, maar ik drink absoluut niet veel. Ik heb in januari tweemaal een serie alcoholische consumpties genuttigd, de laatste keer een week terug. Niet alleen voor een student, maar überhaupt voor een Nederlander in mijn leeftijdscategorie ben ik gematigd. Nee, de zeven hoofdzonden mogen niet worden gerelativeerd, goed, ik hou al op.
Ten tweede: jaloezie of Invidia. Of het nu geloofwaardig is of niet zou ik eerlijk gezegd niet weten, maar ik ben geen jaloers mens. Ik denk bij schatrijke mensen vaak dat ik ook wel een paar miljoen zou willen bezitten, of bij meesterpianisten dat ik ook wel tomeloos talent zou willen hebben, maar die wensen behoren tot het rijk van de fantasieën. In werkelijkheid ben ik doorgaans tevreden met wat ik heb en wat ik doe. Ik geef de voorkeur aan een levensstijl waarin men niet heel veel nodig heeft om gelukkig te kunnen leven omdat je dan ook heel weinig kunt verliezen en gemakkelijker blij te maken bent.
Dat brengt mij naar zonde nummer drie: hebzucht of (ik meen) Avaritia. Eerlijk gezegd ben ik van mening dat ik niet alleen niet erg hebzuchtig ben maar dat ik zelfs iets hebzuchtiger zou mogen zijn. Hebzucht is goed want je krijgt er makkelijker geld door. Let's face it, geld is verdraaid handig. Als ik wat meer tot mijn beschikking zou hebben weet ik wel wat leuke toepassingen. Momenteel heb ik geld, voor het geval ik echt iets wil, maar uitgeven doe ik niet wegens voornoemde sobere levensstijl. Natuurlijk zou ik ook meer geld kunnen verdienen, indien ik zou gaan werken, maar dan komen we bij zonde nummer vier.
Nummer vier is Acedia oftewel luiheid. Deze is ambigue. Ik werk niet en ben een ongedisciplineerd, gemakzuchtig stuk ellende die problemen liever uit de weg gaat en vooral wilde plannen maakt om vervolgens helemaal niets te doen. Aan de andere kant kan ik mezelf het zuur werken op het moment dat ik eenmaal mijn zinnen ergens op heb gezet en iets interessant vind. Ik doe behoorlijk veel voor studie, muziek en toneel. Het is niet alsof ik mijn leven op mijn rug doorbreng of nooit iets te doen heb. Eén van de redenen dat ik niet werk, naast 'gewoon' luiheid is dat ik mijn dagen liever vol gooi met andere activiteiten. Half om half zondig.
Als vijfde in dit rijtje heb ik wraakzucht of Ira. Ik was als kind een driftkop, tegenwoordig ben ik nogal stoïcijns. Als ik boos word ben ik meestal hongerig of moe, en vaak ook helemaal alleen. Als ik vervolgens boos word uit zich dat niet in geweld, tegen mensen of tegen levenloze objecten, geschreeuw of niet nader gedefinieerde wraakoefeningen. In geval van woede word ik vaak stil en humeurig, en reageer ik geërgerd en gemeen op mensen. Niet echt wat ik als een goed geval van wraakzucht zou beschouwen.
De laatste twee in dit rijtje zijn mijn favoriete zonden en ik bega ze naar eigen mening uitvoerig. Ik heb het natuurlijk in de eerste plaats over lust of (gek genoeg) Luxuria. Deze zonde valt in de categorie 'als dit fout is wil ik niet goed zijn.' Ik ben dol op lust. Het is een bezigheid, het is een drive, het stuk dier in mij dat ik in leven wil houden. Lust geeft betekenis aan het leven waar mijn existentialistische en cynische overpeinzingen niets zinvols overgelaten hebben. Daarnaast ben ik ook gewoon dol op seks en gerelateerde recreatieve activiteiten. Als ik nog maar een paar dagen te leven had zou ik de hele dag op een berg kussens willen liggen, boeken lezen, drinken en zo veel mogelijk seks hebben als mogelijk.
Nummer zeven is ijdelheid. Ik ben geweldig arrogant. Mijn ijdelheid is niet zozeer op niveau van uiterlijk, maar gaat eerder om tentoonspreiden van intellectuele en culturele verworvenheden. Dat doe ik niet omdat ik de intrinsieke waarde van die dingen inzie (dat kan ik ook in mijn eentje) en het met mensen wil delen om ze te helpen. Ik doe dat in de hoop bewonderd te worden, waarna ik bescheiden kan doen.
Het feit dat ik openlijk voor mijn arrogantie uitkom is voor veel mensen een reden dat ze het tolereren. Ik vind dat geweldig.
Volgende keer misschien mijn score op de lijst van de minder bekende zeven hoofddeugden.
Hugo Maat