17.5.10

Esnesnon 17-5-10

Goedemorgen.

Programma voor vandaag:
-Snel nog even bloggen over alle slecht samenhangende gedachten die blijven hangen naar aanleiding van het net gevolgde college over de milieubeweging en meer van dergelijk gespuis.
-Van mijn luie achterste afkomen om terug op mijn luie achterste neder te zinken en wat academische activiteiten uit te voeren. Ledigheid is des geleerdes oorkussen.
-Zwijmelen. Het is per slot van rekening lente.

(Dat laatste zal ik proberen niet op terug te komen, want veel boeiends komt daar werkelijk niet uit, zelfs volgens mijn maatstaven.)

De wereld is ten alle tijden in ernstig gevaar. Deze boodschap hangt, samen met andere boodschappen, nu en dan in de lucht. Ze is ooit geuit door een groep ecologische zwartkijkers en is sindsdien als cyaan rond blijven hangen. Greenpeace bestaat nog dankzij die boodschap. Wat voor een waarheid schuilt er in deze duistere boodschap en wat moet de mens er aan doen?

In de eerste plaats, vanuit mijn persoonlijke perspectief, is die boodschap in tegenspraak met mijn gevoel. Ik kan alleen de naderende ondergang van de wereld door toedoen van het menselijk ras proclameren als ik niet teveel naar buiten kijk onder het schrijven, omdat de schoonheid van de schilderachtige luchten, zeeën van verschillende schakeringen groen aan de bomen en de kleurenpracht onder onze eigenste kosmische fusiekern (alias de zon) mij alle negatieve gevoelens en hersenspinsels neigt te ontnemen. Ik voel me net Marx voor de Aanbidding van Maria.

Natuurlijk moet ik, zoals ieder mens met vingers die zich instinctief naar een Qwerty-toetsenbord kunnen voegen, ook in staat zijn om de aanschouwing van de buitenwereld uit te bannen en me enkel te wentelen in pessimisme. De wereld gaat er gewoon aan. Om mensen te kunnen voeden moet er landbouwgrond bij komen. Daarvoor moeten er bomen weg. Zo neemt het gehalte koolstofdioxide in de lucht toe, wat niet goed schijnt te zijn. Bovendien worden er diersoorten uitgemoord, wat ook slecht schijnt te zijn, en veel andere dieren zitten in te kleine hokjes. Intussen komt er wel eens wat olie op plekken waar het niet thuishoort, is er wel eens een beetje radioactief afval dat geheel ongewenst is, raken rivieren vervuild met chemische producten en is er nogal veel materiaal op groeiende stortplaatsen waar men ook niet zo goed raad mee weet. Bovenal is het probleem gelegen in een pijnlijk gebrek aan een eindpunt; met uitzondering van de dramatische vooruitzichten.

Wie kunnen we de schuld geven? Misschien heeft u gemerkt dat de voorgaande alinea geschreven is om haast angstvallig de handelende factor uit zinnen te filteren. Misschien valt dat ook gewoon niet op, gezien het feit dat er eigenlijk maar één algemeen aanvaard antwoord is. De slechte staat waarin de natuur verkeert wordt veroorzaakt door mensen. Om geen namen te noemen geef ik alle mensen, inclusief mijzelf, de schuld. Ik wens hiermee geen nadruk te leggen op de Chinezen of de Indiërs, die zijn namelijk gewoon met meer waardoor het niet helemaal eerlijk is om dan speciaal boos op hen te worden. Ik leg wel met gerust hart nadruk op Amerikanen, die ook stuk voor stuk met gerust hart aan mij mogen vertellen dat zij de uitzondering zijn op de trend van een land dat ontzettend veel vlees consumeert en in te grote auto's rijdt.

Ook kan ik mijzelf niet medeplichtigheid over de status van de wereld ontzeggen. Ik doe weliswaar nooit een verwarming aan, rij geen auto, ben vegetariër (vlees kost, voor dezelfde voedingswaarde, 12 keer de hoeveelheid energie die nodig is om vergelijkbaar vegetarisch voedesel te produceren, heb ik me laten vertellen) en ik consumeer zo weinig buiten voedsel en zuurstof om dat ik minder gevaarlijk voor de wereld dan veel andere mensen, maar daardoor ben ik niet gevrijwaard van het feit dat de aarde zonder mij beter af zou zijn.

Dat brengt ons bij oplossing 1: alle mensen moeten dood. Oplossing 1b houdt in dat er heel veel mensen doodgaan, met name mensen die minder hard nodig zijn voor de wereld, zoals economisch en intellectueel armere mensen. Die hebben in veel gevallen ook nog een grotere ecologische voetafdruk, dus dan is het helemaal 'kassa'. Oplossing 1c, langzaam aan gaan we naar de minder immorele opties, is het beperken van uitbreiding van de bevolking door de West-Europese standaard van kleine gezinnen of de Chinese gedwongen beperking van geboortes te exporteren.

De tweede tak oplossingen heeft te maken met het verminderen van de schade aan het milieu die mensen veroorzaken. Daaronder valt een aardig rijtje met bekende milieubewuste handelingen zoals recycelen van afval, het gebruik van het openbaar vervoer, het goed isoleren van huizen en het rijden in auto's met hybride aandrijving omdat die zo zuinig zijn. Let wel dat deze oplossingenboom minder effectief is dan de eerste. Hij is alleen populairder, daar houdt het voordeel op. Ik zal ook wel toegeven dat ik openlijk mijn voorkeur voor de tweede set oplossingen zal uitdragen omdat ik er evolutionair belang bij heb een goed mens te lijken/zijn.

Voor mijn slotakkoord in dit verhaal leg ik even de spreekwoordelijke loep over die laatste zin. Dat evolutionair belang leeft bij ons allen en vergalt de kans op efficiënte oplossingen op de problemen in wereld omdat ons persoonlijke voortbestaan belangrijker is dan het grote goed van de mensheid en de wereld, zelfs al zou je denken dat die dingen hetzelfde zijn. Maar dan loop je tegen een oud axioma van zelfzuchtigheid aan: het geeft niet als we er allemaal aan gaan, als ik maar als laatste ga. "Het milieuprobleem als televisie-spelshow."

Hugo Maat

Geen opmerkingen: