9.3.08

Esnesnon 9-3-08

Goedenavond.

Ik ben ontstellend zwak op het moment. Een beetje op het randje van instorten, geestelijk, lichamelijk, en wat er verder maar in te storten valt. Het is niet eens een heel vervelend gevoel, maar misschien komt dat omdat mijn vermogen 'vervelend' waar te nemen al stuk is, dat ik een aanval van geestelijke hypothermia heb waardoor ik er verder niets meer mee kan. Het enige wat me nog rest eigenlijk is zitten, terwijl ik half mijn rechterknie omhels, een bekend teken van vermoeidheid, en typen voor mijn blog.

Als reactie op het wannabe-onelinertje 'Misschien is het enige doel in ons leven om sporen achter te laten,' van weet-ik-veel-wie-wannabe-diepzinnige persoon, zou ik graag willen zeggen: Kijk, een spoor. Ik lees eigenlijk mijn eigen blog nauwelijks terug, zelfs niet als ik het typ. Het is een spoor dat ik achterlaat terwijl ik mijn slappe lichaam ernstig vermoeid naar dromenland probeer te slepen. Een spoor in de marmoleumvloeren en het digitale monster.

Vandaag concert, veel te veel staan, en een slordige tien minuten geleden de onverklaarbare aandrang te gaan zitten en huilen. Dat laatste komt mij in zoverre niet bekend voor dat ik er vraagtekens bij zet, en het is zo drastisch voor mijn doen dat ik niet denk dat het direct te maken heeft met het concert, of gewone lichamelijke vermoeidheid. Er is iets ernstig mis met me, denk ik dan, en ik heb zin om een psychiater lastig te vallen en tot wanhoop te drijven, voor het ene en enkele doel dat ik hem wil horen zeggen: 'Wat? Een rode suikertaart op het puntje van zijn staart? Dat had ik hem nou zó verboden!' Die twee zinnen, degenen die nou zo goed als accent door het muziekstuk van mijn leven mogen klinken wat mij part, keurig in de Schönberg-symfonie van mijn bestaan.

Ik weet het, hij schreef geen symfonieën, dat is de clue. Laat me nou eens een keertje, dat is gewoon mijn doen.

Even kijken, er is precies één ding waar ik maar aan kan denken om te doen. Vreemd genoeg doe ik dat al weken. Helemaal gefocust op die ene droom waar ik naar zal gaan springen en waarvan ik niet eens tegen de lat zal klappen, maar er zelfs onderdoor zal vliegen. Het gaat niet lukken. Dat hoort eigenlijk bij een droom in het gewone leven. Niet in het bijzondere leven, de plek boven de lat.

De laatste woorden van de Rode Baron waren: 'Kaput.'

Karo.

4 opmerkingen:

missemosse zei

Natuurlijk wordt alom gestreden
en zwijgt voor velen de muziek,
de tederheid is overleden
en de illusies zijn doodziek.
Natuurlijk laat zich alles kopen
voor wie er maar het meeste biedt
en worden bloemen stukgelopen
maar een vriend zien huilen... kan ik niet.

Natuurlijk hebben wij verloren
en wacht de dood ons aan het eind,
met onze schouders ver naar voren
staan wij nog amper overeind.
Natuurlijk zijn we vaak bedrogen
en liggen vogels in het riet
die voor het laatst hebben gevlogen
maar een vriend zien huilen... kan ik niet.

Worden er steden stukgesmeten
door kinderen van vijftig jaar
dan wordt het leed weer gauw vergeten
voor nieuw verdriet of nieuw gevaar.
En die stations vol met verdwaalden,
al te ver heen voor elk verdriet.
Geen enk'le waarheid die het haalde,
maar een vriend zien huilen... kan ik niet.

Natuurlijk, spiegels zijn integer;
geen moed genoeg om jood te zijn,
niet elegant genoeg voor neger,
geen licht, alleen maar valse schijn.
In eigen kilheid zo gevangen
dat men voor liefde zich verschuilt,
zo aan het eind van elk verlangen,
maar dan een vriend te zien... die huilt.

missemosse zei

vergeet niet, ik steun je!
ik was net dit liedje aan het luisteren... en de rest weet je.
knuffel!

Karo zei

... wow. Dat is nog eens een reactie.

missemosse zei

hihihi (ik ben ietwat te sentimenteel...)