7.2.11

Esnesnon 7-2-11

Goedemorgen.

Ik heb keurig netjes acht uur geslapen van het weekend. Jammer dat ik dat over twee nachten verspreid heb. Ook jammer dat ik dan een college heb om kwart over negen waar ik mijn hoofd bij moet houden. Het ging aardig, maar ik voel me nu ook wel een beetje op, hoewel de dag nog nauwelijks begonnen is. Daarnaast is het ook nog jammer dat ik nog een college later op de dag heb waar ik het met enige helderheid en het liefst nog met een zekere spitsvondigheid moet hebben over het boek ' What is cultural history' van Peter Burke. Dat boek heb ik in het voornoemde weekend uitgelezen, waar ik mezelf mee verbaasd heb. Ik weet echter niet hoe goed de reproductie gaat verlopen, met de zeef-staat waar mijn hoofd in verkeert. Maar daar is de opeenvolging van jammer-klachten nog niet ten einde. Ik heb namelijk tegen het einde van de middag nog een auditie voor toneel. Ik hoop dat ik een scene mag doen waarin ik een lijk speel, dan kan ik zorgeloos in slaap vallen en hoef ik alleen te hopen dat ik niet ga snurken.

Maar goed, over het studieweekend van het Almeers Jeugd Symfonie Orkest. Mijn eindoordeel is: leip. Je brengt de dagen door met muziek en nog eens muziek, de avonden met een hoop activiteiten die niet nachtrust inhouden, en in de pauzes eet je genoeg cake, brownies en soortgelijke verwennerij om de slaap uit je ogen te houden. Er is een bonte avond, er is een busreis, er is een vaag 'moordspel', genoeg mensen om sociaal te zijn en al met al een hoop vermaakswaarde. Desondanks was ik verrekte depri, het grootste deel van het weekend. Zoals gebruikelijk kan ik niet het weekend of de andere mensen de schuld geven, want dat ging allemaal goed en lekker, zoals hierboven opgemerkt. Ik begin me gewoon hoe langer hoe minder lekker in mijn vel te voelen, wat ik op zaterdagavond heb aangevochten door het flink op een drinken te zetten (wat uitstekend werkte). Gedurende het weekend heb ik ook flink zitten kankeren op alles wat los of vast zit, wat heel therapeutisch werkte, maar ook een verkeerde uitwerking had op een aantal mensen met wie ik contact zat, wat me uiteindelijk nog minder vrolijk maakte. Het is lang geleden dat ik daadwerkelijk zinnig gedronken heb. Eventueel was dit weekend zelfs de eerste keer dat het me hielp.

Ik zou door kunnen gaan over hoe embarmelijk het gesteld is met mij, maar het is zinniger om op te houden met zeuren en me te richten op studie en toneel, ter verzetting van de zinnen. Niet dat dit een genezing van mijn deprimerende en zinloze staat van zelfmedelijden teweeg brengt, maar dat is een ander verhaal voor een andere keer, of een verhaal dat nooit verteld gaat worden. Het heeft allemaal te maken met de vraag of ik eigenhandig mezelf kan opknappen, of dat ik me aan iemand moet gaan optrekken. Wat ongewoon is voor mijn doen. Ik weet het allemaal niet zo goed. En dat is ook weer redelijk ongewoon.

Hugo Maat

Geen opmerkingen: