Pre scriptum: Ik ben de honderd posts gepasseerd op dit ding, maar het telt niet omdat ik tussendoor afgehaakt ben. Ahem.
Goedenavond.
Van het ene moment op het andere zijn die twee weken die eerst gevuld waren met leegte ineens aardig volgepland, met in ieder geval íets te doen iedere dag van de week. Niet wat ik verwacht had. Vermoedelijk is vandaag de laatste dag tot aan de eenentwintigste dat ik niet iets specifiek op mijn kalender heb staan en om het te vieren heb ik deze dag dan ook gelijk helemaal ingevuld. Op het programma staat first thing in the morning het schrijven hier, nadat ik mezelf moeizaam uit bed gesleept heb, 's avonds staat verder schrijven aan iets anders, want ik hou het op één post per dag maximaal, om tussendoor nog even iets anders belangrijks te doen.
Morgen doet zich nog de wat mij betreft vreemdste bezigheid voor, namelijk een spoedrepetitie met mijn band. Omdat het van zeven tot we klaar zijn duurt en ik eerst nog even langshuppel bij bakentoneel, (ja, langshuppel. mu, wha, haha.) wordt mijn etenstijd weer een beetje freaky. Inderdaad, ik zit in een band. Misschien geef ik nog wel een seintje als we in september optreden, misschien ook wel helemaal niet. Zo fantastisch zijn we niet.
De dag van morgen toont anderzijds ook wel uitstekend het gebrék aan invulling van die oceaan aan tijd, omdat ik pas om vier uur iets hoef te doen en tot die tijd mijn leven aan het verkwisten ben, hoogstwaarschijnlijk. Dat is precies wat ik al twee weken doe, met enige onderbrekingen en ik denk niet dat ik er gemakkelijk mee zal ophouden. Ik hoop het langzaam maar zeker weer een beetje normaal te krijgen omdat het deel van mijn brein dat bij de laatste loting aangewezen is tot ratio ernstig hoofdschuddend naar mijn bezigheden van de laatste tijd kijkt en het is niet aangenaam als een deel van je brein besluit je hoofd te schudden en de rest toevallig niet. Ik word dus met fysiek geweld gedwongen om minder puur te hangen. Jech. Het plotseling beginnen te bloggen is geen slecht begin. Nu moet ik nog een ander belangrijk stukje tekst schrijven, bij voorkeur van de week nog, ik heb een heel erg druk weekend, ik moet mijn moeder van het idee af helpen dat ik geen dreun uitvoer in huis en ik moet nog de Variations Serieuses zien uit te werken en daarbij een rijstebrijberg aan oefening en frustratie trotseren. Het zijn allemaal dingen die geen echt schema en geen planning kennen, waardoor ik uiteindelijk eindig op de bank, gefixeerd op een beeldscherm en willekeurig virtuele entiteiten vernietigend. Dat vindt mijn ratio ook niks op de lange termijn.
Intussen ben ik iets minder gaan eten en iets minder gaan snacken. Ik kan het hebben, de vraag is alleen of het wel strookt met mijn gebruikelijke opvattingen, die duidelijk niet gewend zijn aan de hoeveelheid vrijheid die over mij uitgestort is. Hemeltjelief, ik heb ook nog heel erg veel leeswerk te doen, maar ik verruil stelselmatig een beeldscherm voor een boek en een bed dan wel bank of stoel voor een harde houten bureaustoel en erg onverstandige zithoudingen, waar ik vervolgens geen knikker van merk omdat de magische uitwerking van technologisch vermaak al mijn mogelijke ongemakken vermoordt. Het enige waar ik aan kan denken is dat ik wel enorm aan het lanterfanten moet zijn als ik ineens gewetensproblemen krijg. Ik ben regelrecht ongeschikt voor vrijheid. Dat mag linea recta in mijn motivatie om naar de VU te gaan.
Hugo Maat.
10.6.09
9.6.09
Esnesnon 9-6-09
*gaaap* Goedemorgen.
Na een paar flinke petsen op mijn neus te hebben ontvangen en boos te zijn aangekeken kom ik op mijn volgende geliefde onderwerp, de vrijheid van meningsuiting, waar ik nog even wat webpagina aan vuil wil maken door een poging doen een pleidooi af te steken, hopelijk voor de laatste keer ook, over het feit dat deze vrijheid niet bestaat terwijl ik ga proberen niet af te dwalen totdat ik er min of meer over uitgesproken ben en mijn best doe niet te denken aan de eeuwige pijnlijke vraag: 'Wil iemand dit wel lezen?' En misschien ga ik mijn zinnen ook nog inkorten.
Vrijheid van meningsuiting is opgenomen in de Nederlandse grondwet en wordt gezien als een paradepaardje van de westerse samenleving. Wat jammer dat er heel veel haken en ogen (en kruizen, grrr...) aan deze vrijheid zitten die het arme schaap gewoon opheffen. Beperkte vrijheid is namelijk, nou ja, een nogal paradoxaal begrip. De vrijheid van meningsuiting krijgt te lijden onder druk uit twee hoeken, namelijk de geschreven en de ongeschreven wetten. Aan de ene kant zijn er wetten die de vrijheid van meningsuiting, blijkbaar een grondrecht, tegenspreken in onze wet opgenomen en aan de andere kant is de grondwet ook nog ondergeschikt aan de normen en waarden van de samenleving.
Het is natuurlijk onmogelijk dat een wet rechtstreeks de grondwet tegenspreekt in het wetboekje, maar gelukkig stikt de Nederlandse grondwet van de achterdeurtjes. De grondwet vermeldt dat afluisterapparatuur verboden is maar is zo vriendelijk hierbij aan te geven dat het wel mag als dat bij wet specifiek toegestaan is of als dit wordt uitgevoerd door mensen die daarvoor door de wet zijn aangewezen, d.w.z de politie. Ik hoor wel eens dat Nederland het land met de meeste telefoontaps is en zo gek is dat idee ook niet. De wet van vrije meningsuiting is een beetje vager in Nederland. Het begon als een vrijheid van drukpers, maar het artikel is uitgebreid tot een verbod op censuur. Uit het artikel kan je concluderen dat het ook van toepassing is op mondeling verkondigen van je mening. Leuk en aardig, maar de schrijvers van de grondwet, slimme mensen, dat moet ik ze nageven, nemen even de clausule 'behoudens ieders verantwoordelijkheid voor de wet' erin op. Hoofd - keyboard: nb.
Ik krijg de behoefte, als ik de Nederlandse grondwet lees, om een totalitaire staat te voorspellen, die compleet volgens de grondwet te rechtvaardigen valt. Onze grondwet garandeert ons geen vrijheid van meningsuiting, onschendbaarheid van onze huizen, recht op betoging, doordat ze overal een antwoord op heeft in de vorm van die kleine clausules. Alles wat de overheid nodig heeft is een wet die onze vrijheid inperkt, een uitzonderingsregel. Het hele zaakje staat continu in de startblokken voor het ontstaan van de constitutionele (en dat woord moest ik helaas opzoeken, waar ik me voor schaam) totalitaire staat der Nederlanden. Vanaf daar kun je het invullen zoals je wilt, eventueel met een grote geblondeerde leider, wiens posters op iedere straathoek hangen, als dat beeld strookt met jouw eigen nachtmerries.
Veel beperking op vrijheid van meningsuiting komt er vanuit de wet niet. Ik mag bijzonder veel vrije mening uiten voordat de staat me in de weg gaat staan. Vrijheid van meningsuiting wordt vooralsnog het meest in de weg gestaan voor de algemeen geldenende waarden en normen. Waar het bij de wettelijke kant van vrijheid van meningsuiting meer om een theoretische paradox gaat die deze vrijheid feitelijk ontkracht, gaat het bij de dagelijkse toepassing van die ongeschreven wetten om de praktijk.
Hier wordt het natuurlijk persoonlijk, want als ik het heb over dagelijkse beperkingen van vrijheid van meningsuiting dan heb ik het over mezelf. Valt moeilijk te ontkennen en te vermijden. Ik mag niet zeggen wat ik wil omdat ik respect moet hebben voor andermans overtuigingen op gebied van geloof, ik mag niet zeggen wat ik wil omdat iemand ergens erg gevoelig over is of omdat ik iemand ermee zou beledigen. Dat heeft niets te maken met de wet, dat heeft te maken met wat mijn ouders, leeftijdsgenoten (een flink aantal, meen ik in ieder geval), leraren en ook volkomen willekeurige mensen van mij verlangen. In onze maatschappij verlangt men dat we respect voor elkaar hebben, ook al verdienen we dat totaal niet. Dankzij de toepassing van allerlei machts- en opvoedstechnieken word ik al gecensureerd voor ik mijn mond opendoe en dat frustreert enorm. Maar, los van mijn eigen frustraties, die ongetwijfeld heel interessant zijn, vrijheid van meningsuiting wordt er gewoon ondergehouden door een wet die sterker is dan welke grondwet dan ook.
Maar waarom zijn we allemaal nog zo vol van die vrijheid van meningsuiting, als het eigenlijk maar een broos geheel is, met achterdeurtjes en beperkingen overal? Die vrijheid van meningsuiting is, net als de rest van de grondwet en net als al die normen en waarden, gewoon boven twijfel verheven. Het is gepromoveerd tot volkomen intrinsiek. Jammer dat een heilige, onschendbare vrijheid van meningsuiting wegens zijn gebrek aan raakvlakken met de werkelijkheid, helemaal niets kan. Hetzelfde geldt voor alles dat boven alle twijfel verheven is. Mijn eindconclusie is (mij) duidelijk. Alle religies, met name het katholieke, protestantse en islamitische geloof, met alle zijtakken en variaties, zijn gewoon achterlijk. Probeer me dat maar eens terug te laten nemen.
Hugo Maat.
Na een paar flinke petsen op mijn neus te hebben ontvangen en boos te zijn aangekeken kom ik op mijn volgende geliefde onderwerp, de vrijheid van meningsuiting, waar ik nog even wat webpagina aan vuil wil maken door een poging doen een pleidooi af te steken, hopelijk voor de laatste keer ook, over het feit dat deze vrijheid niet bestaat terwijl ik ga proberen niet af te dwalen totdat ik er min of meer over uitgesproken ben en mijn best doe niet te denken aan de eeuwige pijnlijke vraag: 'Wil iemand dit wel lezen?' En misschien ga ik mijn zinnen ook nog inkorten.
Vrijheid van meningsuiting is opgenomen in de Nederlandse grondwet en wordt gezien als een paradepaardje van de westerse samenleving. Wat jammer dat er heel veel haken en ogen (en kruizen, grrr...) aan deze vrijheid zitten die het arme schaap gewoon opheffen. Beperkte vrijheid is namelijk, nou ja, een nogal paradoxaal begrip. De vrijheid van meningsuiting krijgt te lijden onder druk uit twee hoeken, namelijk de geschreven en de ongeschreven wetten. Aan de ene kant zijn er wetten die de vrijheid van meningsuiting, blijkbaar een grondrecht, tegenspreken in onze wet opgenomen en aan de andere kant is de grondwet ook nog ondergeschikt aan de normen en waarden van de samenleving.
Het is natuurlijk onmogelijk dat een wet rechtstreeks de grondwet tegenspreekt in het wetboekje, maar gelukkig stikt de Nederlandse grondwet van de achterdeurtjes. De grondwet vermeldt dat afluisterapparatuur verboden is maar is zo vriendelijk hierbij aan te geven dat het wel mag als dat bij wet specifiek toegestaan is of als dit wordt uitgevoerd door mensen die daarvoor door de wet zijn aangewezen, d.w.z de politie. Ik hoor wel eens dat Nederland het land met de meeste telefoontaps is en zo gek is dat idee ook niet. De wet van vrije meningsuiting is een beetje vager in Nederland. Het begon als een vrijheid van drukpers, maar het artikel is uitgebreid tot een verbod op censuur. Uit het artikel kan je concluderen dat het ook van toepassing is op mondeling verkondigen van je mening. Leuk en aardig, maar de schrijvers van de grondwet, slimme mensen, dat moet ik ze nageven, nemen even de clausule 'behoudens ieders verantwoordelijkheid voor de wet' erin op. Hoofd - keyboard: nb.
Ik krijg de behoefte, als ik de Nederlandse grondwet lees, om een totalitaire staat te voorspellen, die compleet volgens de grondwet te rechtvaardigen valt. Onze grondwet garandeert ons geen vrijheid van meningsuiting, onschendbaarheid van onze huizen, recht op betoging, doordat ze overal een antwoord op heeft in de vorm van die kleine clausules. Alles wat de overheid nodig heeft is een wet die onze vrijheid inperkt, een uitzonderingsregel. Het hele zaakje staat continu in de startblokken voor het ontstaan van de constitutionele (en dat woord moest ik helaas opzoeken, waar ik me voor schaam) totalitaire staat der Nederlanden. Vanaf daar kun je het invullen zoals je wilt, eventueel met een grote geblondeerde leider, wiens posters op iedere straathoek hangen, als dat beeld strookt met jouw eigen nachtmerries.
Veel beperking op vrijheid van meningsuiting komt er vanuit de wet niet. Ik mag bijzonder veel vrije mening uiten voordat de staat me in de weg gaat staan. Vrijheid van meningsuiting wordt vooralsnog het meest in de weg gestaan voor de algemeen geldenende waarden en normen. Waar het bij de wettelijke kant van vrijheid van meningsuiting meer om een theoretische paradox gaat die deze vrijheid feitelijk ontkracht, gaat het bij de dagelijkse toepassing van die ongeschreven wetten om de praktijk.
Hier wordt het natuurlijk persoonlijk, want als ik het heb over dagelijkse beperkingen van vrijheid van meningsuiting dan heb ik het over mezelf. Valt moeilijk te ontkennen en te vermijden. Ik mag niet zeggen wat ik wil omdat ik respect moet hebben voor andermans overtuigingen op gebied van geloof, ik mag niet zeggen wat ik wil omdat iemand ergens erg gevoelig over is of omdat ik iemand ermee zou beledigen. Dat heeft niets te maken met de wet, dat heeft te maken met wat mijn ouders, leeftijdsgenoten (een flink aantal, meen ik in ieder geval), leraren en ook volkomen willekeurige mensen van mij verlangen. In onze maatschappij verlangt men dat we respect voor elkaar hebben, ook al verdienen we dat totaal niet. Dankzij de toepassing van allerlei machts- en opvoedstechnieken word ik al gecensureerd voor ik mijn mond opendoe en dat frustreert enorm. Maar, los van mijn eigen frustraties, die ongetwijfeld heel interessant zijn, vrijheid van meningsuiting wordt er gewoon ondergehouden door een wet die sterker is dan welke grondwet dan ook.
Maar waarom zijn we allemaal nog zo vol van die vrijheid van meningsuiting, als het eigenlijk maar een broos geheel is, met achterdeurtjes en beperkingen overal? Die vrijheid van meningsuiting is, net als de rest van de grondwet en net als al die normen en waarden, gewoon boven twijfel verheven. Het is gepromoveerd tot volkomen intrinsiek. Jammer dat een heilige, onschendbare vrijheid van meningsuiting wegens zijn gebrek aan raakvlakken met de werkelijkheid, helemaal niets kan. Hetzelfde geldt voor alles dat boven alle twijfel verheven is. Mijn eindconclusie is (mij) duidelijk. Alle religies, met name het katholieke, protestantse en islamitische geloof, met alle zijtakken en variaties, zijn gewoon achterlijk. Probeer me dat maar eens terug te laten nemen.
Hugo Maat.
8.6.09
Esnesnon 8-6-09
Hoi.
Vijf dagen terug, om even te flashbacken/backflashen (back te flashen), maakte ik mijn laatste eindexamen (van tijdvak 1) en nu al, niet eens zo gek veel later, ervaar ik een enorme leegte in mijn bestaan. Ik heb het gekke gevoel dat het een verkleinde weergave is van het gevoel dat mensen die met pensioen gaan hebben. Ik ben niet eens waanzinnig blij over het einde van mijn middelbare schoolcarrière, dat is wat me misschien nog wel het meest frustreert en verwondert, ik weet zelfs niet echt goed wat ik met de ontstane vrije tijd moet doen.
Dat is een problematisch verschijnsel. Ik ben na vijf dagen al vrijheidsmoe, terwijl ik nog echt waanzinnig veel tijd door moet met zo niet evenveel, dan wel meer vrijheid dan voorheen. We gaan niet meer op vakantie, laat staan dus zo spectaculair als vorige zomer, wat mij met drie hele maanden vakantie zonder specifieke invulling laat liggen. Zonder schroom durf ik te beweren dat ik nog maar op een slordige vijf procent zit van de totaal uit te zitten tijd en dat als het de rest van deze drie maanden zo verder gaat dat ik daar niet erg vrolijk van word.
Het is niet alsof ik nooit voor vrijheidsmoeheid gewaarschuwd ben, of dat ik het nooit zelf een beetje ervaren heb. Ik kan me uitstekend vermaken, altijd al, hoe hersenlozer het vermaak hoe langer ik het volhou ook nog. Ik merk alleen dat ik vrijheidsmoe geworden ben als ik activiteiten ga ondernemen die niet vermakelijk zijn, als vermaak. Dan spendeer ik een complete dag aan een spel, of een serie die ik op internet kijk, terwijl die geen centje amusementswaarde voor me hebben. Of iets extremer, ik ga simpelweg ergens lopen; gewoon door de stad of het centrum lopen, door mijn eigen huis, over het strand, nergens heen en zonder het echt leuk te vinden. Het zijn lege acties die ik onderneem, dingen die mijn hoofd het zwijgen opleggen, geen negatieve en geen positieve waarde hebben.
Dan kom ik in het stadium van vrijheidsmoeheid, als ik dermate van mijn verplichtingen onttrokken ben dat ik, puur om een soort leegte aan tijd en bezigheid te vullen, lege dingen doe. Het moment dat ik zowel positieve en negatieve waarde ontneem aan mijn leven echter, ongeveer de boeddhistische richting, slaat het standaard negatief uit. Ik hou aan die lege acties een gevoel van regressie over, waarbij het voelt alsof ik ophou in verbinding te staan met de wereld. Kenmerken zijn aanvallen van geestelijke vermoeidheid zonder inspanning en lethargie, maar uiteindelijk slaat het geheel over in een gevoel van ernstige depressie. Af en toe ben ik in staat om mijn tijdsbesteding in te zien en krijg ik het ellendige gevoel van 'wát heb ik eigenlijk de hele dag lopen doen? Hoe laat is het?'
School nodigt continu negatieve en positieve oordelen uit. Het houdt me in de wereld en onder de mensen en geeft me altijd ook wel met waardeoordelen geladen activiteiten. Het gaat dus constant regressie tegen. Zeg ik daarmee dat school goed is? Nee, ik vind school vaak ronduit ellendig. Maar daar gaat het om, een waardeoordeel op zich al. Goede dingen en slechte dingen zijn in dit opzicht volkomen inwisselbaar, want het derde alternatief is in mijn ogen nog altijd onwenselijker. Tegenstrijdig als het moge klinken vanuit de vingers van iemand die in slaap valt tijdens lessen, school hield me wakker.
Na deze rant geef ik weer even wat terrein prijs dat ik gebruikte voor mijn verhaal: het is niet waar dat ik niets te doen heb van de vakantie. Er zijn wel degelijk activiteiten, wink wink, waarmee ik mijn tijd kan vullen en zolang de regressie niet langer dan een dag of vijf aanhoudt is er niets aan de hand. Ik voel me uitstekend en geen enkel medelijden is nodig, gewenst, of op de juiste persoon gericht, want dit is een enorm luxeprobleem van de orde 'ik heb niet genoeg slagroom op mijn bananenmilkshake die ik vanuit een hangmat opdrink terwijl ik naar de in de zee ondergaande zon kijk terwijl een aantrekkelijke plaatselijke bewoner m/v mij koelte toewuift en zachte muziek in de verte klinkt terwijl ook de krekels al zacht hun instrumenten beginnen te stemmen, hoewel ik ze in mijn zachte slaapplek niet hoor waardoor ik een aangename nachtrust geniet.' I'm fine.
Hugo Maat.
Vijf dagen terug, om even te flashbacken/backflashen (back te flashen), maakte ik mijn laatste eindexamen (van tijdvak 1) en nu al, niet eens zo gek veel later, ervaar ik een enorme leegte in mijn bestaan. Ik heb het gekke gevoel dat het een verkleinde weergave is van het gevoel dat mensen die met pensioen gaan hebben. Ik ben niet eens waanzinnig blij over het einde van mijn middelbare schoolcarrière, dat is wat me misschien nog wel het meest frustreert en verwondert, ik weet zelfs niet echt goed wat ik met de ontstane vrije tijd moet doen.
Dat is een problematisch verschijnsel. Ik ben na vijf dagen al vrijheidsmoe, terwijl ik nog echt waanzinnig veel tijd door moet met zo niet evenveel, dan wel meer vrijheid dan voorheen. We gaan niet meer op vakantie, laat staan dus zo spectaculair als vorige zomer, wat mij met drie hele maanden vakantie zonder specifieke invulling laat liggen. Zonder schroom durf ik te beweren dat ik nog maar op een slordige vijf procent zit van de totaal uit te zitten tijd en dat als het de rest van deze drie maanden zo verder gaat dat ik daar niet erg vrolijk van word.
Het is niet alsof ik nooit voor vrijheidsmoeheid gewaarschuwd ben, of dat ik het nooit zelf een beetje ervaren heb. Ik kan me uitstekend vermaken, altijd al, hoe hersenlozer het vermaak hoe langer ik het volhou ook nog. Ik merk alleen dat ik vrijheidsmoe geworden ben als ik activiteiten ga ondernemen die niet vermakelijk zijn, als vermaak. Dan spendeer ik een complete dag aan een spel, of een serie die ik op internet kijk, terwijl die geen centje amusementswaarde voor me hebben. Of iets extremer, ik ga simpelweg ergens lopen; gewoon door de stad of het centrum lopen, door mijn eigen huis, over het strand, nergens heen en zonder het echt leuk te vinden. Het zijn lege acties die ik onderneem, dingen die mijn hoofd het zwijgen opleggen, geen negatieve en geen positieve waarde hebben.
Dan kom ik in het stadium van vrijheidsmoeheid, als ik dermate van mijn verplichtingen onttrokken ben dat ik, puur om een soort leegte aan tijd en bezigheid te vullen, lege dingen doe. Het moment dat ik zowel positieve en negatieve waarde ontneem aan mijn leven echter, ongeveer de boeddhistische richting, slaat het standaard negatief uit. Ik hou aan die lege acties een gevoel van regressie over, waarbij het voelt alsof ik ophou in verbinding te staan met de wereld. Kenmerken zijn aanvallen van geestelijke vermoeidheid zonder inspanning en lethargie, maar uiteindelijk slaat het geheel over in een gevoel van ernstige depressie. Af en toe ben ik in staat om mijn tijdsbesteding in te zien en krijg ik het ellendige gevoel van 'wát heb ik eigenlijk de hele dag lopen doen? Hoe laat is het?'
School nodigt continu negatieve en positieve oordelen uit. Het houdt me in de wereld en onder de mensen en geeft me altijd ook wel met waardeoordelen geladen activiteiten. Het gaat dus constant regressie tegen. Zeg ik daarmee dat school goed is? Nee, ik vind school vaak ronduit ellendig. Maar daar gaat het om, een waardeoordeel op zich al. Goede dingen en slechte dingen zijn in dit opzicht volkomen inwisselbaar, want het derde alternatief is in mijn ogen nog altijd onwenselijker. Tegenstrijdig als het moge klinken vanuit de vingers van iemand die in slaap valt tijdens lessen, school hield me wakker.
Na deze rant geef ik weer even wat terrein prijs dat ik gebruikte voor mijn verhaal: het is niet waar dat ik niets te doen heb van de vakantie. Er zijn wel degelijk activiteiten, wink wink, waarmee ik mijn tijd kan vullen en zolang de regressie niet langer dan een dag of vijf aanhoudt is er niets aan de hand. Ik voel me uitstekend en geen enkel medelijden is nodig, gewenst, of op de juiste persoon gericht, want dit is een enorm luxeprobleem van de orde 'ik heb niet genoeg slagroom op mijn bananenmilkshake die ik vanuit een hangmat opdrink terwijl ik naar de in de zee ondergaande zon kijk terwijl een aantrekkelijke plaatselijke bewoner m/v mij koelte toewuift en zachte muziek in de verte klinkt terwijl ook de krekels al zacht hun instrumenten beginnen te stemmen, hoewel ik ze in mijn zachte slaapplek niet hoor waardoor ik een aangename nachtrust geniet.' I'm fine.
Hugo Maat.
7.6.09
Esnesnon 7-6-09
Goedemorgen.
Lekker geslapen? Ik ook wel, alleen een beetje kort. Na een uurtje te hebben gedaan alsof ik nog sliep ben ik maar achter de computer gekropen, die op een slaapdronken steenworp afstand ligt van mijn bed. Ik kan me niet herinneren ook maar iets gedroomd te hebben, dus het zal wel ontzettend interessant of leerzaam geweest zijn. En dan nu, eerst bloggen en daarna ontbijt. Ik heb toch nog geen trek.
Een berg verplaatsen doe je niet door steentjes te versjouwen, één voor één. Een berg verplaatsen doe je niet door te hopen dat God het voor je gaat doen als je hem heel lief vraagt om zijn Grote Plan voor de wereld om te gooien. Een berg verplaats je met een overbodig grote lading explosieven en een stel rechtzaken tegen natuurmonumenten. Dit is het moment dat er een man in een olifantenpak langsrent, met een grote letter Q op zijn borst gespeld en een vlaggetje van de McDonalds in zijn hand. Hij gaat wijdbeens voor je staan en roept uit: 'I am Irrelephant Man!' waarna hij weer verdwijnt. Op een paard, rijdend richting de ondergaande zon, die ineens is verschenen.
Dingen hebben de neiging hun magie en kracht te verliezen als je ze begrijpt. Dat is ongenuanceerd en veel te vaag geformuleerd, maar ik verzin vanzelf wel een betere uitspraak die wél uitlegt wat ik bedoel. Het directe beeld dat ik heb bij die bewering, die bewering komt daar ook voor een deel uit voort, is het begrijpen van de argumentatiestructuren van mr. president b@R4cK 0B4m@. Ik keek gisteren naar een stukje speech van hem en later die dag heb ik 's avonds een speech van hem online opgezocht om even te kijken en ik was een beetje teleurgesteld ineens. Ik vind het vaak leuk, zo'n speech, daar zijn ze waarschijnlijk ook voor, maar niet meer nu ik heb gelezen hoe die man het eigenlijk doet. Hij is niet bijzonder charismatisch, hij heeft gewoon veel geoefend en gebruikt hele sterke en waanzinnig typische constructies. Omdat ik het herken, verandert in mijn ogen zijn speech van een pleidooi voor vastberadenheid en verbroedering naar een spelletje waarin ik zijn argumentaties herken, eruit kan plukken en uiteindelijk zelfs voor hem kan afmaken voordat hij uitgesproken is. Dus, dag charisma en indruk in alles. Ik ben overigens niet eens een echte Obamaniak, dus wat maakt het ook uit.
Ik krijg soortgelijke onttoveringsverschijnselen ook bijvoorbeeld met filosofen, op het moment dat ik inzie wáárom ze bepaalde denkbeelden bezigden. Hobbes die de Engelse monarchisten op zijn dak kreeg, Kant die waanzinnig streng en protestants werd opgevoed, hoe meer ik weet over de mens achter de redenering hoe minder ik de redenering kan zien en hoe minder indruk die op mij maakt. Ik kan het soms zelfs bij mijn eigen denkbeelden doen, iets waar ik zelf niet echt vrolijk van word. Niet alleen filosofen, nu ik er over nadenk. Musici kan je ook helemaal verklaren en dus onttoveren. Beethovens geestelijke instabiliteit, Tsjaikovsky's gedwongen muziekcarrière, etcetera, etceteri.
Maar daar komt eigenlijk het tegengewicht tegen de ernstig ongenuanceerde bewering dat begrip kracht en magie doet verdwijnen. Ik vind muziek namelijk in veel gevallen nog steeds mooi. Ik begrijp wel dat wolken condenserende massa's water zijn, gevormd door luchtdrukverschillen en een zekere temperatuursverdeling in de atmosfeer, maar ik blijf, misschien mijn hele leven lang nog, pluisjes en watjes door de lucht drijven, die adembenemende uitzichten kunnen creeëren met een beetje goed licht. Ik blijf het leuk vinden als onze kat tegen mijn benen op loopt te schurken, ook al weet ik dat het beestje alleen maar graag wil dat ik haar te eten geef. Niet dat ik ineens de hele zaak laat rusten. Ik denk dat het betekent dat veel dingen in de wereld hun kracht en magie ontlenen aan onbegrip of erop steunen, in plaats van iets anders. Als dat onbegrip dan verdwijnt, raken die dingen ook invloed kwijt. Ik hou op voordat ik over iets begin dat ook maar in de verte te maken heeft met Rede en Religie. Het is veel te vroeg.
Hugo Maat.
Lekker geslapen? Ik ook wel, alleen een beetje kort. Na een uurtje te hebben gedaan alsof ik nog sliep ben ik maar achter de computer gekropen, die op een slaapdronken steenworp afstand ligt van mijn bed. Ik kan me niet herinneren ook maar iets gedroomd te hebben, dus het zal wel ontzettend interessant of leerzaam geweest zijn. En dan nu, eerst bloggen en daarna ontbijt. Ik heb toch nog geen trek.
Een berg verplaatsen doe je niet door steentjes te versjouwen, één voor één. Een berg verplaatsen doe je niet door te hopen dat God het voor je gaat doen als je hem heel lief vraagt om zijn Grote Plan voor de wereld om te gooien. Een berg verplaats je met een overbodig grote lading explosieven en een stel rechtzaken tegen natuurmonumenten. Dit is het moment dat er een man in een olifantenpak langsrent, met een grote letter Q op zijn borst gespeld en een vlaggetje van de McDonalds in zijn hand. Hij gaat wijdbeens voor je staan en roept uit: 'I am Irrelephant Man!' waarna hij weer verdwijnt. Op een paard, rijdend richting de ondergaande zon, die ineens is verschenen.
Dingen hebben de neiging hun magie en kracht te verliezen als je ze begrijpt. Dat is ongenuanceerd en veel te vaag geformuleerd, maar ik verzin vanzelf wel een betere uitspraak die wél uitlegt wat ik bedoel. Het directe beeld dat ik heb bij die bewering, die bewering komt daar ook voor een deel uit voort, is het begrijpen van de argumentatiestructuren van mr. president b@R4cK 0B4m@. Ik keek gisteren naar een stukje speech van hem en later die dag heb ik 's avonds een speech van hem online opgezocht om even te kijken en ik was een beetje teleurgesteld ineens. Ik vind het vaak leuk, zo'n speech, daar zijn ze waarschijnlijk ook voor, maar niet meer nu ik heb gelezen hoe die man het eigenlijk doet. Hij is niet bijzonder charismatisch, hij heeft gewoon veel geoefend en gebruikt hele sterke en waanzinnig typische constructies. Omdat ik het herken, verandert in mijn ogen zijn speech van een pleidooi voor vastberadenheid en verbroedering naar een spelletje waarin ik zijn argumentaties herken, eruit kan plukken en uiteindelijk zelfs voor hem kan afmaken voordat hij uitgesproken is. Dus, dag charisma en indruk in alles. Ik ben overigens niet eens een echte Obamaniak, dus wat maakt het ook uit.
Ik krijg soortgelijke onttoveringsverschijnselen ook bijvoorbeeld met filosofen, op het moment dat ik inzie wáárom ze bepaalde denkbeelden bezigden. Hobbes die de Engelse monarchisten op zijn dak kreeg, Kant die waanzinnig streng en protestants werd opgevoed, hoe meer ik weet over de mens achter de redenering hoe minder ik de redenering kan zien en hoe minder indruk die op mij maakt. Ik kan het soms zelfs bij mijn eigen denkbeelden doen, iets waar ik zelf niet echt vrolijk van word. Niet alleen filosofen, nu ik er over nadenk. Musici kan je ook helemaal verklaren en dus onttoveren. Beethovens geestelijke instabiliteit, Tsjaikovsky's gedwongen muziekcarrière, etcetera, etceteri.
Maar daar komt eigenlijk het tegengewicht tegen de ernstig ongenuanceerde bewering dat begrip kracht en magie doet verdwijnen. Ik vind muziek namelijk in veel gevallen nog steeds mooi. Ik begrijp wel dat wolken condenserende massa's water zijn, gevormd door luchtdrukverschillen en een zekere temperatuursverdeling in de atmosfeer, maar ik blijf, misschien mijn hele leven lang nog, pluisjes en watjes door de lucht drijven, die adembenemende uitzichten kunnen creeëren met een beetje goed licht. Ik blijf het leuk vinden als onze kat tegen mijn benen op loopt te schurken, ook al weet ik dat het beestje alleen maar graag wil dat ik haar te eten geef. Niet dat ik ineens de hele zaak laat rusten. Ik denk dat het betekent dat veel dingen in de wereld hun kracht en magie ontlenen aan onbegrip of erop steunen, in plaats van iets anders. Als dat onbegrip dan verdwijnt, raken die dingen ook invloed kwijt. Ik hou op voordat ik over iets begin dat ook maar in de verte te maken heeft met Rede en Religie. Het is veel te vroeg.
Hugo Maat.
5.6.09
Een half jaar zonder Esnesnon
Goedenavond.
Ik zal het kort houden, omdat ik ook nog een keer naar bed wil en toch deze post afgemaakt wil hebben. Het slaapt wat aangenamer als ik niet (damn, ik klikte op Ctrl +... ik weet nog wel dat ik niet wist hoe je dat ongedaan maakte. Doffe ellende, en een mooi bijkomstig leermoment dat op komt dagen als je regelmatig blogt, zelfs bij mij. (Ik bedoel eigenlijk specifiek bij mij, want ik heb geen enkele informatie of fatsoenlijke vermoedens betreffende andermans relatie tot deze eenvoudige commando's. Misschien ben ik de enige die de morfologische resonantie heeft gemist op dit punt, misschien klimmen paarse apen wel in stapels van blikken tomatensoep in plaats van bomen.) Volgens mij moet ik nóg een haakje.) Jup.
Wellicht ten overvloede: ik ga verder met posten. De posts zullen wederom op de oude manier benoemd worden en ik vermoed dat de schrijfstijl, inhoud en lengte weinig veranderd zullen zijn. Ik doe geen moeite mezelf iets aan te praten; ik begin met schrijven en kijk wat er op internet belandt zonder mezelf ergens toe te dwingen. Mocht je gek (gek! gek! *biebediebiebedie*) genoeg zijn om dit te gaan lezen en ergens de absurde (absurde! waanzinnige! krankzinnige!) behoefte op te vatten (met vanillesmaak en kersjes!) om zo af en toe nog een nieuwe post te lezen ook, dan staat zeuren vrij. Stiekem (niet stiekem dus, maar goed) is mijn ego daar natuurlijk heel erg blij mee. Ik walg van mezelf, ulieden heeft toestemming hetzelfde te voelen.
Deze post heet [insert title], wat niet betekent dat ik ga vertellen wat er in het afgelopen half jaar is gebeurd. Doe me een lol. Als je het wilt weten, gebruik dan je creativiteit om een episch verhaal te verzinnen waarin ik door de wereld van de geesten reisde terwijl mijn lichaam op aarde saaie dingen deed, om uiteindelijk de krankzinnige goden van de cheescake en de onderwereld het hoofd te bieden in een poging om een onschuldige van de eenzame opsluiting te redden. Of doe dat niet. Alternatief is om iemand anders te vragen hoe het met hem/haar/het ging en gewoon mijn naam in diens half jaarsverhaal in te vullen. Dat wil ook nog wel eens werken.
Gij zijt allen gewaarschuwd, ik heb in de komende twee maanden bijster weinig te doen. Dat betekent niet alleen dat er een kans bestaat dat ik wat ga schrijven, maar ook dat ik misschien niet zoveel beleef en dus uit mijn eigen krankzinnige brein ga putten voor schrijverij in plaats van recente gebeurtenissen, die per definitie wat minder verwrongen zijn. Waarom de waarschuwing? Zodat ik gelijk twee keer zoveel lezers heb.
De brug kraakte en stortte de diepte in. De kreet van het eekhoorntje weerkaatste tegen de rotswanden en werd daarna weggevaagd door het gebulder van de wrede stroomversnellingen beneden, die de planken van de brug gelijk de beenderen van de bosbewoner braken op de grillige zandsteen.
Hugo Maat.
Ik zal het kort houden, omdat ik ook nog een keer naar bed wil en toch deze post afgemaakt wil hebben. Het slaapt wat aangenamer als ik niet (damn, ik klikte op Ctrl +... ik weet nog wel dat ik niet wist hoe je dat ongedaan maakte. Doffe ellende, en een mooi bijkomstig leermoment dat op komt dagen als je regelmatig blogt, zelfs bij mij. (Ik bedoel eigenlijk specifiek bij mij, want ik heb geen enkele informatie of fatsoenlijke vermoedens betreffende andermans relatie tot deze eenvoudige commando's. Misschien ben ik de enige die de morfologische resonantie heeft gemist op dit punt, misschien klimmen paarse apen wel in stapels van blikken tomatensoep in plaats van bomen.) Volgens mij moet ik nóg een haakje.) Jup.
Wellicht ten overvloede: ik ga verder met posten. De posts zullen wederom op de oude manier benoemd worden en ik vermoed dat de schrijfstijl, inhoud en lengte weinig veranderd zullen zijn. Ik doe geen moeite mezelf iets aan te praten; ik begin met schrijven en kijk wat er op internet belandt zonder mezelf ergens toe te dwingen. Mocht je gek (gek! gek! *biebediebiebedie*) genoeg zijn om dit te gaan lezen en ergens de absurde (absurde! waanzinnige! krankzinnige!) behoefte op te vatten (met vanillesmaak en kersjes!) om zo af en toe nog een nieuwe post te lezen ook, dan staat zeuren vrij. Stiekem (niet stiekem dus, maar goed) is mijn ego daar natuurlijk heel erg blij mee. Ik walg van mezelf, ulieden heeft toestemming hetzelfde te voelen.
Deze post heet [insert title], wat niet betekent dat ik ga vertellen wat er in het afgelopen half jaar is gebeurd. Doe me een lol. Als je het wilt weten, gebruik dan je creativiteit om een episch verhaal te verzinnen waarin ik door de wereld van de geesten reisde terwijl mijn lichaam op aarde saaie dingen deed, om uiteindelijk de krankzinnige goden van de cheescake en de onderwereld het hoofd te bieden in een poging om een onschuldige van de eenzame opsluiting te redden. Of doe dat niet. Alternatief is om iemand anders te vragen hoe het met hem/haar/het ging en gewoon mijn naam in diens half jaarsverhaal in te vullen. Dat wil ook nog wel eens werken.
Gij zijt allen gewaarschuwd, ik heb in de komende twee maanden bijster weinig te doen. Dat betekent niet alleen dat er een kans bestaat dat ik wat ga schrijven, maar ook dat ik misschien niet zoveel beleef en dus uit mijn eigen krankzinnige brein ga putten voor schrijverij in plaats van recente gebeurtenissen, die per definitie wat minder verwrongen zijn. Waarom de waarschuwing? Zodat ik gelijk twee keer zoveel lezers heb.
De brug kraakte en stortte de diepte in. De kreet van het eekhoorntje weerkaatste tegen de rotswanden en werd daarna weggevaagd door het gebulder van de wrede stroomversnellingen beneden, die de planken van de brug gelijk de beenderen van de bosbewoner braken op de grillige zandsteen.
Hugo Maat.
Abonneren op:
Posts (Atom)