15.10.08

Esnesnon 15-10-08

Wederom een toetsblaadjesdatum. Drievoudig dit keer, met Engels en Geschiedenis. Daarover meer nadat ik heb gegeten en iets volkomen anders, interessanters en vermakelijkers heb gedaan. Ziezo, het is geschied.

Goedenavond.

Als je wakker wordt is één van de laatste dingen die je wilt denken nog wel 'Ik droom niet meer, hè? Getver.' Dat was wat ik dacht toen ik zag dat het tien voor negen was. Ter verheldering: Mijn SE Essay begon om half negen. Dat is dus niet helemaal goed, noch zoals gepland. Ik voelde me er niet slecht bij, ik voelde namelijk helemaal niets. Ik was net tien minuten wakker toen ik nog nét binnen de half uur marge het lokaal binnen wandelde. Hoewel ik iets slordiger schreef dan normaal heb ik volgens mij wel iets zinnigs opgeschreven.

De SE daarna was helemaal zinnig. Ik maak me nergens zorgen over. Nou ja, misschien wel over iets. Maar ik ga gewoon het spel goed spelen en zien waar het eindigt. Niet dat het iemand aangaat, sterker nog, het gaat zelfs mij niet echt aan. As a matter of fact, ik ga het er niet over hebben. Licht, Camera,

Scène 8. - In het ziekenhuis.

Spelers: Karo en de Dame met de Ovenhandschoen.

Opkomst.

Dame: Kun je dit even vasthouden?

Karo: Nee.

Dame: Hoezo niet, je hebt toch twee handen?

Karo: U heeft niets dat u mij zou kunnen geven, noch is er een voorwerp op het podium aanwezig dat ik vast kan houden, met de mogelijke uitzondering van u. Dat ga ik echter van zijn lang zal ze leven niet doen, zoals ze wel eens zeggen.

Dame: Ik ben de Dame met de Ovenhandschoen.

Karo: Ze hebben me al gewaarschuwd voor u, ja.

Dame: Dat is pas over twee scènes.

Karo: Sorry, maar dan heeft iemand de volgorde van de scènes verkeerd begrepen. Hoe kan ik gewaarschuwd worden voor u, terwijl ik u al twee scènes van tevoren heb gesproken en daarna nergens meer? En wat heeft het voor zin voor u om dan op te merken dat ik het niet hoor te weten? Het is dan toch een flashback die scène?

Dame: Alle scènes zijn chronologisch. Je bent nog niet gewaarschuwd.

Karo: Oh, jah, natuurlijk, en ik heb nog niet de dieptes van de oceaan getrotseerd op zoek naar mijn Twister Fries.

Dame: Ja.

Karo: Waarom ben ik dán zeiknat, zit er koraal in mijn zakken en zeewier in mijn haar?

Dame: Een regenbui.

Karo: Nou ja, als uw domme koppigheid uw slechtste eigenschap is, begrijp ik niet waarom ik gewaarschuwd ben. Gewaarschuwd ga worden.

Dame: Ik wil je wat vragen.

Karo: God nee, niet dat weer. Zit er geen variatie in dit toneelstuk? Dit is al de vijfde keer!

Dame: De zesde keer.

Karo: Wat dan ook.

Dame: Wanneer ga je nou eens inzien dat...

Karo: Ik ben weg. Dat was de druppel. Ik ga wel een ander toneelstuk opzoeken.

Dame: We zitten nog niet eens half in het stuk! Je kan niet zomaar weglopen! Hey! Stop!

Iemand in publiek: Eigenlijk vind ik het een behoorlijk goed idee.

Exeunt all. Inclusief publiek. En toneelschrijver.

Geen opmerkingen: