Goedenavond.
Ik stond vanochtend in de trein. Tegenover mij stond een blinde man. Hij keek wel ongeveer in mijn richting als ik tegen hem sprak, maar had toch duidelijk moeite met precies mijn gezicht te vinden, waarschijnlijk door het feit dat hij het niet kon zien. Ik denk dat hij bij een ongeluk blind is geworden doordat zijn gezicht er gehavend uitzag. Na een tijdje wist ik niet meer wat ik tegen hem moest zeggen en besloot ik mijn mond te houden, want ik vond het geen leuk idee dat ik tegen hem zou gaan praten puur omdat hij blind was en ik misschien medelijden met hem zou hebben. Het moment dat ik stopte met praten verdween ik compleet uit zijn wereld en hij had het niet gemerkt als ik weg was gelopen. Hij zou ook niets hebben gemerkt als ik allerlei beledigende gebaren had gemaakt. Oh, als we toch bezig zijn... Het was een blinde man! Ik had hem kunnen slaan (haha, zag je niet aankomen), ik had zijn stok af kunnen pakken, ik had uit het raam kunnen wijzen en roepen: 'Lieve help, kijk daar eens! Wauw, dit móét je gewoon zien!' Of: 'Wat vind u van mijn haar... oh wacht.' 'Ik had laatst toch zo'n mooie film gezien...' 'Wist u dat er een nieuwe tentoonstelling in het Van Gogh is en... oh... ze hebben een audiotour, zodat iemand u kan vertellen dat er iets fantastisch te zien is, dus zo erg is dat ook weer niet!'
Ik zou nog wel even door kunnen gaan, maar gek genoeg voelde ik er niets voor. Ik heb het idee dat ik niet eens zo asociaal ben. Niet zo asociaal als ik misschien van mezelf zou denken of verwachten. Goed, maakt mij dat tot een sociaal wezen? Ik ben geneigd nee te zeggen, en niet omdat ik de uitkomst verkeerd vind. Misschien kan ik ermee leven dat ik een sociaal wezen ben. Ik heb alleen bezwaar tegen de hierboven gestelde redenering, omdat die uitgaat van een dialectische benadering van de termen sociaal en asociaal. Uit verzet tegen dialectiek wil ik even duidelijk maken dat het in deze terminologie van goed alledaags gedrag jegens andere tweevoeters niet gaat om twee maar om vier termen. Sociaal en asociaal staan in mijn ogen voor wel of geen rekening houden met andere mensen. Sociale mensen storen anderen niet, hebben respect voor privacy en gehoorzamen over het algemeen de gouden regel van Kant, ook wel bekend als de categorische imperatief. Een sociaal mens maakt gebruik van zijn eigen vrijheid terwijl hij de vrijheid van andere mensen erkent en intact laat. Een asociaal mens doet dit alles gewoon niet. Bovenstaande twee interpretaties van beider begrippen komen mij een beetje ontoereikend voor. Naar mijn mening zijn sociaal en asociaal de non valde bonum en non valde malum van het sociaal spectrum. Het verbaal of lichamelijk lastigvallen van een blinde man hoort niet in één van deze categorieën, maar iemand uit jezelf helpen een kinderwagen een trein in te tillen ook niet.
Vanuit de dichotomie wil ik naar een vierdeling om de extremen van goed of slecht gedrag aan te geven. In de richting van sociaal gedrag ga ik voor de term 'behulpzaam' en 'antisociaal' voor de andere. Het verschil tussen sociaal en behulpzaam is een verschil van inactiviteit en activiteit. Sociaal gedrag komt neer op het niet doen van dingen die anderen storen of in de weg zitten. Behulpzaamheid vereist een actieve instelling. Aan de andere kant geeft asociaal gedrag een veronachtzaming van de publieke norm aan, tegenover de actieve houding van antisociaal gedrag waarbij men handelingen verricht die werkelijk bedoeld zijn om andere mensen het leven zuur te maken. In de richting van de extremen wordt men dus actiever in het gedrag en draagt men sterker een mindset uit. Het dieptepunt in moeite qua gedrag ligt bij asociaal gedrag. Men hoeft niet na te denken om zich asociaal te gedragen, men hoeft zich alleen maar bezig te houden met zijn eigen zaken. Het verschijnsel dat Nederland steeds asocialer wordt kan op die manier gezien worden als een geestelijke luiheid, bijvoorbeeld omdat we onze hersenen al zo hard voor andere doeleinden gebruiken. Misschien zijn we als mensen ook meer in onszelf gekeerd geraakt. En misschien is het ook allemaal een beetje overdreven: Ik vind mijzelf niet asociaal. Een walgelijk onderkruipsel dat zich voordoet als een menselijk wezen, ja, maar niet asociaal.
Hugo Maat.
Ps: Ik ga de komende week niet heel veel kans hebben om te bloggen in verband met musicalwerkzaamheden.
18.9.09
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten